odontalgie
Uiterlijk
- Geluid: odontalgie (hulp, bestand)
- IPA: / ˌodɔntɑlˈɣi / (4 lettergrepen)
- odon·tal·gie
- geen meervoud; via Frans odontalgie en modern Latijn odontalgia van Oudgrieks ὀδονταλγία (odontalgía)
de odontalgie v
- (medisch) pijn aan gebitselementen
- ▸ In het verleden bestond er verwarring over de diagnose en classificatie van deze vorm van persisterende pijn, die veelal met verschillende benamingen werd aangeduid, zoals atypische odontalgie, fantoompijn of deafferentiatiepijn.[1]
- Het woord 'odontalgie' staat niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie.
- ↑
Weblink bron C.J. Warnsinck e.a.“Persisterende dentoalveolaire pijn (PDAP)” (2015), abstract op uva.nl
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 10
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 4 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Woord zonder meervoud in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Medisch in het Nederlands
- Niet in Woordenlijst Nederlandse Taal