observatiepost

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ob·ser·va·tie·post
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord observatiepost observatieposten
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

observatiepost m

  1. plek vanwaar men iets in de gaten kan houden
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.