noodwet

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • nood·wet
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord noodwet noodwetten
verkleinwoord noodwetje noodwetjes

Zelfstandig naamwoord

noodwet v/m [1]

  1. wetten en regels die in een land betrekking hebben op noodsituaties
    • Voor de burgers is voorkomen van slachtoffers en het veilig kunnen samenleven belangrijk en we moeten dus op alle mogelijk manieren voorkomen dat er slachtoffers vallen. Zonodig met noodwetten de regels terzake wijzigen of de politiek draagt de verantwoording voor alle aanslagen die zich nog zullen gaan voordoen.[2] 
  2. tijdelijke wet in afwachting van een definitieve wet
    • Als er vrijdag geen tijdelijke of permanente afspraken komen, dan zullen veel instellingen van de overheid sluiten omdat ze dan geen geld meer uit Washington krijgen. In december vorig jaar was er ook al een tijdelijke wet nodig om de financiering van de overheidsdiensten gaande te houden. Dat lukte toen wel maar die noodwet loopt vrijdag af.[3] 
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
97 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. de Telegraaf 28 jun. 2017
  3. de Telegraaf 19 jan. 2018