noodlottig

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • nood·lot·tig
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen noodlottig noodlottiger noodlottigst
verbogen noodlottige noodlottigere noodlottigste
partitief noodlottigs noodlottigers -

Bijvoeglijk naamwoord

noodlottig

  1. onontwijkbaar ongeluk brengend
    Door noodlottige omstandigheden is hij om het leven gekomen.