nijptang
Uiterlijk
ʟ

- nijp·tang
- samenstelling van nijp ww en tang [1]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | nijptang | nijptangen |
| verkleinwoord | nijptangetje | nijptangetjes |
- (gereedschap) een tang met een in de lengterichting afgeplatte bek bedoeld om er ingeslagen spijkers mee uit te trekken
- Het woord nijptang staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "nijptang" herkend door:
| 96 % | van de Nederlanders; |
| 93 % | van de Vlamingen.[2] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ nijptang op website: Etymologiebank.nl
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be