nieuwsgierigheid

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • nieuws·gie·rig·heid
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord nieuwsgierigheid -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

nieuwsgierigheid v

  1. de mate van nieuwsgierig zijn
    Hij had een grote nieuwsgierigheid voor informaticanieuws.