neven

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ne·ven
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘voorzetsel’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1267 [1] [2]

Voorzetsel

Niet in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Taalunie (als voorzetsel). neven [3]

  1. (palindroom) (Limburg) naast
    • De kerk staat neven het postkantoor. 
Afgeleide begrippen

Zelfstandig naamwoord

neven mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord neef

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.[4]

Verwijzingen