nationale dodenherdenking

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

2. Beelden van de nationale dodenherdenking in 2016.
Uitspraak
Woordafbreking
  • na·ti·o·na·le do·den·her·den·king
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord nationale dodenherdenking
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

nationale dodenherdenking v / m

  1. (pregnant) (Nederland) kranslegging jaarlijks op 4 mei bij het Nationaal Monument op de Dam in Amsterdam
     Een van de bijzondere en mooie elementen van de jaarlijkse nationale dodenherdenking op de Dam is de voordracht van een zelfgeschreven gedicht door een jongere tussen de 14 en 19 jaar.[1]
  2. (Nederland) plechtigheid waarbij jaarlijks op 4 mei om 20.00 uur wordt teruggedacht aan iedereen uit het Koninkrijk der Nederlanden die sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog is doodgegaan door oorlog of bij vredesoperaties
     De Dordtse Wilhelminakerk wil dat het zingen van psalm 43 een vast onderdeel wordt van de nationale dodenherdenking.[2]
  3. jaarlijkse officiële plechtigheid waarbij de inwoners van een land terugdenken aan slachtoffers van oorlog
     Er is noch in Engeland, noch in Schotland, noch in Wales, noch in Noord-Ierland discussie over de vraag of de nationale dodenherdenking nog zinvol is.[3]

Gangbaarheid

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 6 december 2020 Weblink bron “Het verhaal van de Tweede Wereldoorlog leeft en blijft leven” (4 mei 2016) op nrc.nl
  2. Bronlink geraadpleegd op 6 december 2020 Weblink bron “Psalm 43 klinkt op zondag in 43 Dordtse kerken” (3 mei 2008) op nrc.nl
  3. Bronlink geraadpleegd op 6 december 2020 Weblink bron Hieke Jippes “Britse dodenherdenking nog vitale traditie” (9 november 1992) op nrc.nl