nalatenschap

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • na·la·ten·schap
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘erfenisboedel’ voor het eerst aangetroffen in 1683 [1]
  • afgeleid van nalaten met het achtervoegsel -schap [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord nalatenschap nalatenschappen
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

nalatenschap v [3]

  1. (juridisch) wat door de erflater bij zijn overlijden wordt nagelaten
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen