nadarhek
Uiterlijk
- na·dar·hek
- samenstelling van nadar zn en hek zn
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | nadarhek | nadarhekken |
| verkleinwoord | nadarhekje | nadarhekjes |
het nadarhek o
- verplaatsbaar hek om publiek op afstand te houden
- ▸ Het beeld van een burger die met een nadarhek in zijn handen staat om het wat te verplaatsen is een mooi beeld. Misschien is het zelfs niet toevallig dat precies België die speciale band heeft met het nadarhek, en zou het een Belgisch symbool kunnen zijn.[1]
- Het woord nadarhek staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- ↑
Weblink bron Gearchiveerde versie Michaël Bellon“Beeldspraak: Nadar, hekken om te hacken” (28 september 2019) op bruzz.be