naartoe

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • naar·toe
Woordherkomst en -opbouw
  vnw. bijw.
  voorzetselbijwoord     naartoe  
 persoonlijk     ernaartoe  
aanwijz.   nabij     hiernaartoe  
  veraf     daarnaartoe  
  vragend/betrekk.     waarnaartoe  


Bijwoord

naartoe

  1. prepositioneel deel van een voornaamwoordelijk bijwoord in de richting van
    • Waar ga je naartoe? 
     Na een kwartier stopte er een oude gedeukte Toyota met een mollige vrouw voorin, die vroeg waar ik naartoe moest.[1]
Opmerkingen
  • Als prepositie gebruikt wordt het gescheiden in het voorzetsel naar en het voorzetselbijwoord toe.
Hij gaat naar zijn werk toe.
Hyponiemen

Gangbaarheid

89 % van de Nederlanders;
94 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen

  1. Tim Voors “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be