naarling

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • naar·ling
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van het bijvoeglijk naamwoord naar met het achtervoegsel -ling.
enkelvoud meervoud
naamwoord naarling naarlingen
verkleinwoord naarlingetje naarlingetjes

Zelfstandig naamwoord

naarling m

  1. naar, onaangenaam persoon
    • Je bent een echte naarling. 

Gangbaarheid

93 % van de Nederlanders;
76 % van de Vlamingen.