naadloos

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • naad·loos
Woordherkomst en -opbouw
  • afgeleid van naad met het achtervoegsel -loos
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen naadloos naadlozer naadloost
verbogen naadloze naadlozere naadlooste
partitief naadloos naadlozers -

Bijvoeglijk naamwoord

naadloos

  1. zonder merkbare overgang; zonder naad aan elkaar bevestigd
    Naadloze stalen buizen.
  2. ongemerkt, gladjes
Vertalingen


Bijwoord

naadloos

  1. op naadloze wijze
    Met Photoshop kun je twee foto's naadloos aan elkaar voegen.
Vertalingen