muziekstuk

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mu·ziek·stuk
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord muziekstuk muziekstukken
verkleinwoord muziekstukje muziekstukjes

Zelfstandig naamwoord

muziekstuk o

  1. (muziek) een muzikaal werk om te spelen en/of zingen.
    • Het muziekstuk werd geschreven door een componist. 
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie