museums

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mu·se·ums

Zelfstandig naamwoord

museums mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord museum
Synoniemen

Gangbaarheid

80 % van de Nederlanders;
71 % van de Vlamingen.


Deens

Woordafbreking
  • mu·se·ums

Zelfstandig naamwoord

museums, o

  1. onbepaalde vorm genitief enkelvoud van museum


Engels

Zelfstandig naamwoord

museums mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord museum