Naar inhoud springen

mordicus

Uit WikiWoordenboek
  • mor·di·cus
  • Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘bijwoord: onverzettelijk’ voor het eerst aangetroffen in 1941 [1]
  • Komt van het Latijnse mordicus (dezelfde betekenis), van het werkwoord mordere (bijten in, vat krijgen op).

mordicus

  1. fel.
    • Ik ben daar mordicus tegen! 
64 %van de Nederlanders;
64 %van de Vlamingen.[2]

mordicus

  1. mordicus
    «(...); on nous attaque, nous nous défendons ; on nous juge, nous soutenons mordicus que nous n’avions d’autre intention que de nous tremper un certain nombre de fois dans la mer»[2]
    (...) wanneer ze ons aanvallen, zullen we ons verdedigen; wanneer ze ons berechten, zullen we mordicus volhouden dat we geen andere intentie hadden dan enkele keren in de zee te duiken.
  1. mordicus (Etymologie) in: Le Trésor de la Langue Française informatisé (1971-1994) op Wikipedia (fr) op de website cnrtl.fr op Wikipedia (fr).
  2. Bronlink Weblink bron “Les Trois Mousquetaires”, digitale editie op de Franse Wikisource van MM. Dufour et Mulat, 1849 (1844), p. 160