moordend

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • moor·dend

Werkwoord

vervoeging van: moorden
verbogen vorm: moordende

moordend

  1. onvoltooid deelwoord van moorden
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen moordend moordender moordendst
verbogen moordende moordendere moordendste
partitief moordends moordenders -

Bijvoeglijk naamwoord

moordend

  1. met opzet dodend, bloeddorstig
  2. (figuurlijk) heel erg, slopend, funest
    • Het was die zomerdag moordend heet. 
    • Het is tekenend voor niet alleen de schoonmakers, maar voor veel meer werknemers in Nederland. Het systeem van aanbesteding zorgt voor een moordende concurrentieslag tussen bedrijven. Opdrachtgevers kijken alleen naar de prijs, niet naar kwaliteit. Zo ontstaat een race naar beneden, met werknemers als grote verliezers.[1] 

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen

  1. NRC Lucette Mascini 15 december 2016
  2. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be