moordenaar

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Jump to search

ъ

Een moordenaar [2]

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • moor·de·naar
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘die een moord begaat’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1220 [1]
  • Oude afleiding van moord met het achtervoegsel -enaar.
enkelvoud meervoud
naamwoord moordenaar moordenaars
verkleinwoord moordenaartje moordenaartjes

Zelfstandig naamwoord

moordenaar m

  1. iemand die een moord gepleegd heeft
    • De moordenaars konden gelukkig gearresteerd en veroordeeld worden. 
  2. (gereedschap) een informele naam voor een zware verstelbare pijptang
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen