monorail

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

zwevende monorailtrein
Uitspraak
Woordafbreking
  • mo·no·rail
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord monorail monorails
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

monorail v/m [2]

  1. (verkeer) spoorsysteem, waarbij het voertuig over een enkelrailig spoor rijdt (of zweeft)
    • Het hotel waar het drama plaatsvond is een Disney luxeresort. Het ligt aan de monorail die bezoekers in het pretpark in brengt. [3] 
    • Hij wil niet zeggen dat het huidige gemeentebestuur van Almelo laf is, maar voor een vernieuwend openbaar vervoersproject als het Personal Rapid Transport-systeem(PRT) is ‘moed’ nodig, zegt innovatie-manager ir. Jos Heerkens van bouwbedrijf Heijmans. „Iemand die z’n nek uitsteekt, zoals de vorige wethouder. Die was bereid op de barricades plaats te nemen.” Onlangs hoorde Heerkens dat de gemeente Almelo na ruim tien jaar haar medewerking aan het PRT-project stopzet. In de Aastad komt definitief geen ‘monorail’, zoals het futuristische vervoerssysteem in de volksmond is gaan heten. Hoewel. „Ik heb begrepen dat het project in de ijskast is gezet. Er is nog een kans dat het er weer uitkomt”, zegt hij. [4] 
Synoniemen
Hyperoniemen
Vertalingen

Meer informatie

Gangbaarheid

Verwijzingen