monomane

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mo·no·ma·ne

Bijvoeglijk naamwoord

monomane

  1. verbogen vorm van de stellende trap van monomaan

Gangbaarheid

60 % van de Nederlanders;
40 % van de Vlamingen.