mislukken

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mis·luk·ken
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
mislukken
mislukte
mislukt
zwak -t volledig

Werkwoord

mislukken

  1. ergatief verkeerd aflopen, zonder het gewenste resultaat
    Mijn recept is volledig mislukt.
Antoniemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.