misgunnen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mis·gun·nen
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
misgunnen
misgunde
misgund
zwak -d volledig

Werkwoord

misgunnen

  1. overgankelijk niet kunnen aanvaarden dat iemand iets verwerft
    • Zij misgunde hem dat helemaal niet. 
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
90 % van de Vlamingen.