mimicus
Uiterlijk

- mi·mi·cus
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | mimicus | mimici |
| verkleinwoord |
de mimicus m
- toneelspeler dien alleen maar werkt met gebaren zonder gebruik te maken van tekst
- Het woord mimicus staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "mimicus" herkend door:
| 46 % | van de Nederlanders; |
| 54 % | van de Vlamingen.[2] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑ mimicus op website: Etymologiebank.nl
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 7
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 3 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Achtervoegsel -icus in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 46 %
- Prevalentie Vlaanderen 54 %