midweek

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mid·week
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord midweek midweken
verkleinwoord midweekje midweekjes

Zelfstandig naamwoord

midweek v / m

  1. enkele aaneengesloten dagen van de week, zonder dat daarin een weekeinde voorkomt, maximaal de periode van maandag tot vrijdag
Afgeleide begrippen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
96 % van de Vlamingen.

Meer informatie