middelpunt

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mid·del·punt
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord middelpunt middelpunten
verkleinwoord middelpuntje middelpuntjes

Zelfstandig naamwoord

middelpunt o

  1. (wiskunde) van een cirkel of bol is het punt dat tot alle punten op de omtrek dezelfde afstand heeft
  2. centrale plaats waar veel om draait
     En over zijn graf werd een prachtige kerk gebouwd, die het middelpunt werd van de Nicolaasverering.[3]
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen