microkrediet

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

bakker gestart met een microkrediet
Uitspraak
Woordafbreking
  • mi·cro·kre·diet
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord microkrediet microkredieten
verkleinwoord microkredietje microkredietjes

Zelfstandig naamwoord

microkrediet o

  1. (economie) lening van een beperkte omvang voor een beginnende ondernemer
    • Midden juni 2016 stuurde Francken 4.499 Afghaanse asielzoekers een aanbod om vrijwillig terug te keren, inclusief een herintegratieproject, tijdelijke huisvesting, technische ondersteuning en desgevraagd een microkrediet om een eigen zaak op te starten. Slechts 45 gingen daar de tweede helft van vorig jaar op in, wat in schril contrast staat met de 117 vrijwillige terugkeerders in de eerste helft van het jaar, toen het aanbod nog niet liep. [1] 
    • Máxima reist van het ene naar het andere ontwikkelingsland, als VN-pleitbezorger van microkredieten. Van der Heijden, grinnikend: ,,En dat is eigenlijk een katholieke uitvinding. Missionarissen van de kerk boden overal ter wereld eerst ontwikkelingshulp, voordat ze hun geloof begonnen te verkondigen. Daar hoorde ook het opzetten van kleine kredietbanken bij. Overigens gebeurde dat vroeger ook in Nederland. Denk maar aan pater Van den Elsen, de oprichter van de Boerenleenbank die later in de Rabobank opging.’’[2] 
Hyperoniemen
Vertalingen

Meer informatie

Gangbaarheid

Verwijzingen

  1. De Standaard 22/05/2017
  2. Tubantia Jeroen Schmale 18-06-2017