mesthoop

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mest·hoop
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord mesthoop mesthopen
verkleinwoord mesthoopje mesthoopjes

Zelfstandig naamwoord

mesthoop m

  1. een hoop waarop stalmest opgestapeld wordt
    • Gooi dat maar op de mesthoop! 
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie