mensonterend

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mens·ont·erend
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen mensonterend mensonterender mensonterendst
verbogen mensonterende mensonterendere mensonterendste
partitief mensonterends mensonterenders -

Bijvoeglijk naamwoord

mensonterend [1]

  1. van een situatie: ellendige en door de mensen veroorzaakt
    • Ondertussen blijkt uit een rapport van Oxfam dat vluchtelingen in Libië mensonterend behandeld worden. De hulporganisatie verzamelde 285 getuigenissen. Maar liefst 30 van de 31 ondervraagde vrouwen waren seksueel misbruikt. Maar ook mannen rapporteren over verkrachtingen. Driekwart van de vluchtelingen was getuige van moord of foltering van een reisgezel. ‘De cel lag vol met lichamen. Ik zag soldaten de neus breken van een man, ze sloegen hem zo hard op het hoofd dat hij zijn ogen verloor’, wordt Lamine (18) geciteerd. Oxfam vraagt dat de EU een ‘eerlijk aantal asielzoekers’ opneemt en een veilige route aanbiedt voor wie uit Libië weg wil.[2] 
    • Tegelijkertijd is de situatie in Glanerbrug bijna mensonterend. "Ik kan met mijn rolstoel niet bij het toilet. De deuren in de gang gaan tegenovergesteld naar elkaar open. De draai met de stoel is niet te maken. Vandaar dus de po-stoel. Die gebruik ik in de woonkamer, op de gang of in de open keuken. Terwijl mijn broer hier ook nog inwoont", zegt Maaike met tranen in de ogen. "En ik ben te jong voor het verpleeghuis."[3] 
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

Verwijzingen

  1. Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
  2. De Standaard VRIJDAG 11 AUGUSTUS 2017
  3. Tubantia 06-04-2017