mensenkind

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

[2] mensenkind
Uitspraak
Woordafbreking
  • men·sen·kind
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord mensenkind mensenkinderen
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

mensenkind o

  1. een mens in het algemeen
  2. een jong mens
    • ‘Hij wordt opgevoed als een mensenkind, maar krijgt ook ­voldoende gelegenheid om orang-oetang te blijven’, heeft Miles altijd benadrukt. Hele boeken heeft ze volgeschreven over de negen jaar dat Chantek op de universiteit woonde. Hoe hij zindelijk leerde te zijn, hoe hij zijn speelgoed opruimde en hoe hij de weg naar zijn ­favoriete fastfoodrestaurant van­buiten kende. Op den duur knapte hij zelfs werkjes op in ruil voor geld, waarmee hij dan frisdrank uit de automaat haalde. Intussen woonde hij ook geregeld lessen bij en zijn foto stond in het ­jaarboek van de universiteit.[1] 
    • De animatiefilm om naar uit te kijken is de nieuwe ‘live action’ bewerking van Disney’s tekenfilm uit 1967 Jungle Book, gebaseerd op Kiplings verhaal over Mowgli, het ‘mensenkind’ dat opgroeit bij wolven, en in de Indiase jungle angstige avonturen beleeft. ‘Echte’ dieren en een ‘echt’ mensenkind vervangen de getekende personages ‘Echt’ tussen aanhalingstekens, omdat het gaat om realistische weergaven van dieren als Baloe de beer en Bagheera de zwarte panter in 3D computeranimatie. Doordat de wilde dieren zo echt lijken, is deze film enger dan de vorige. [2] 
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

Verwijzingen

  1. De Standaard WOENSDAG 9 AUGUSTUS 2017
  2. NRC 2 januari 2016