menselijk

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • men·se·lijk
Woordherkomst en -opbouw
  • Afleiding van mens met het achtervoegsel -lijk en met het invoegsel -e-.
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen menselijk menselijker menselijkst
verbogen menselijke menselijkere menselijkste
partitief menselijks menselijkers -

Bijvoeglijk naamwoord

menselijk

  1. zoals de mens
    • Boos worden is nu eenmaal menselijk. 
  2. goed voor de medemens
    • Als zij zich menselijk zouden opstellen waren er niet zo veel mensen gestorven. 
Synoniemen
Antoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
100 % van de Vlamingen.