menarche

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • me·nar·che
enkelvoud meervoud
naamwoord menarche menarches
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

menarche v/m

  1. (medisch) eerste maandstonden, de eerste keer dat er een menstruatie is en daarmee de puberteit
Vertalingen

Gangbaarheid

41 % van de Nederlanders;
33 % van de Vlamingen.

Meer informatie