meetkundig

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • meet·kun·dig
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen meetkundig meetkundiger meetkundigst
verbogen meetkundige meetkundigere meetkundigste
partitief meetkundigs meetkundigers -

Bijvoeglijk naamwoord

meetkundig [1]

  1. tot de meetkunde behorend
    • Pythagoras was een meetkundig genie. 

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen