meetbaar

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • meet·baar
Woordherkomst en -opbouw

afleiding van naamwoord van handeling meten met het achtervoegsel -baar

stellend vergrotend overtreffend
onverbogen meetbaar meetbaarder meetbaarst
verbogen meetbare meetbaardere meetbaarste
partitief meetbaars meetbaarders -

Bijvoeglijk naamwoord

meetbaar

  1. te bepalen in maat en getal
    Chemicaliën die wij in het milieu brengen, blijken tot op afgelegen plekken te traceren, beslissingen over fossiele energie zullen nog duizenden jaren meetbaar zijn. Landbouw, fossiele brandstoffen, mijnbouw, medische zorg en verstedelijking vormen echte vooruitgang, maar leiden niettemin tot onvoorziene wereldwijde gevolgen op de lange termijn. Die gevolgen waren aanvankelijk niet te overzien, maar zelfs nu ze bekend zijn, zijn we niet in staat ons aan te passen. [1]
Verwijzingen
  1. Louise O. Fresco NRC 1 juni 2016