medestudent

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • me·de·stu·dent
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord medestudent medestudenten
verkleinwoord medestudentje medestudentjes

Zelfstandig naamwoord

medestudent m

  1. (onderwijs) mensen die samen met jou studeren
    • Ik kon heel veel leren van mijn medestudenten 
    • Mijn beste vrienden waren medestudenten tijdens mijn opleiding. 
Synoniemen
  1. medecursist, medeleerling

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.