massawerkloosheid

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mas·sa·werk·loos·heid
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord massawerkloosheid
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

massawerkloosheid v

  1. Het voorkomen van werkloosheid bij grote groepen mensen
    • De massawerkloosheid van de jaren 1930 was een grote sociale ramp. 

Gangbaarheid