massacre

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mas·sa·cre
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘slachting’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1650 [1] [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord massacre massacres
verkleinwoord massacretje massacretjes

Zelfstandig naamwoord

massacre m [3]

  1. slachting, massamoord
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

64 % van de Nederlanders;
76 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen