marihuana

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Cannabis sativa
Uitspraak
Woordafbreking
  • ma·ri·hu·a·na
enkelvoud meervoud
naamwoord marihuana -
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

marihuana v

  1. (plantkunde) (medisch) wordt gemaakt van de bloemtoppen of zaaddoosjes van de vrouwelijke, onbevruchte hennepplant Cannabis sativa op Wikispecies (variëteit indica) dat een hoog gehalte van de stof THC bevat en kan worden gebruikt als medicijn of genotmiddel
    • In veel landen is de handel in marihuana een misdrijf maar de meeste Nederlanders vinden dat Nederland marihuana moet legaliseren [1] 
Synoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders
97 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. www.parool.nl