Naar inhoud springen

manenrob

Uit WikiWoordenboek
manenrob

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ma·nen·rob
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord manenrob manenrobben
verkleinwoord manenrobje manenrobjes

Zelfstandig naamwoord

manenrob

  1. (roofdieren) bepaald soort zoogdier, Otaria flavescens op Wikispecies, dat leeft aan de kusten van het zuidelijk deel van Zuid-Amerika; de bul heeft een met manen bezette nek
Synoniemen
Hyperoniemen
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

Meer informatie