makkelijk

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mak·ke·lijk
Woordherkomst en -opbouw
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen makkelijk makkelijker makkelijkst
verbogen makkelijke makkelijkere makkelijkste
partitief makkelijks makkelijkers -

Bijvoeglijk naamwoord

makkelijk

  1. niet moeilijk, waar weinig moeite en inspanning voor vereist is
Synoniemen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl