mafkees

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • maf·kees
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord mafkees mafkezen
verkleinwoord mafkeesje mafkeesjes

Zelfstandig naamwoord

mafkees m

  1. iemand die een lachwekkende indruk maakt, dwaas, malloot
    • Wat heeft die mafkees nou weer uitgehaald? 


Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[1]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be