macula
Uiterlijk
- ma·cu·la
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | macula | macula's maculae |
| verkleinwoord |
de macula v
- (medisch) de gele vlek op het netvlies
- Het woord macula staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "macula" herkend door:
| 34 % | van de Nederlanders; |
| 30 % | van de Vlamingen.[1] |
- Zie Wikipedia voor meer informatie.
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be