maas

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Andere schrijfwijzen Niet te verwarren met: Maas
maas: visnet met mazen
Uitspraak
Woordafbreking
  • maas
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord maas mazen
verkleinwoord maasje maasjes

Zelfstandig naamwoord

maas v/m [3] [4] [5] [6]

  1. (visserij) een van de geknoopte ringen waaruit een net bestaat
    De mazen van het net waren dusdanig beschadigd dat het net geboet moest worden.
Gelijkklinkende woorden
Uitdrukkingen en gezegden
  1. door de mazen van het net kruipen: op het nippertje ontsnappen
  2. een maas in de wet: een door de wetgever niet voorziene mogelijkheid om aan het doel van de wet te ontkomen
Verwante begrippen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen

Met betrekking tot de rivier de Maas:

Vertalingen

Meer informatie

Werkwoord

vervoeging van
mazen

maas

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van mazen
    Ik maas.
  2. gebiedende wijs van mazen
    Maas!
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van mazen
    Maas je?
Verwijzingen
  1. etymologiebank.nl
  2. etymologiebank.nl
  3. Woordenboek der Nederlandse taal
  4. Woordenboek der Nederlandse taal
  5. Woordenboek der Nederlandse taal
  6. Woordenboek der Nederlandse taal


Afrikaans

enkelvoud meervoud
naamwoord maas mase [1]

Zelfstandig naamwoord

maas

  1. maas
    «Deur die mase van die wet.»
    Door de mazen van de wet.
  2. (voeding) zuur geworden melk
    «In SA is maas die Afrikaanse naam vir 'n suurmelkproduk "amasi" wat die swartmense baie lief is voor.»
    In Zuid-Afrika is 'maas' de Afrikaanse naam voor het zure melkproduct "amasi" dat erg geliefd is onder de zwarte bevolking.
Afgeleide begrippen