már
Uiterlijk
- IPA: /ˈmaːr/
már
már
- IPA: /maːr/
- már
- (financieel)(verouderd) mark; naam voor verschillende munteenheden gebruikt in Bosnië en Herzegovina en tot de invoering van de euro in Duitsland en Finland
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| nominatief | már | máry |
| genitief | máru | márů |
| datief | máru | márům |
| accusatief | már | máry |
| vocatief | máre | máry |
| locatief | máru | márech |
| instrumentalis | márem | máry |
már
Categorieën:
- Woorden in het Hongaars
- Woorden in het Hongaars met IPA-weergave
- Bijwoord in het Hongaars
- Woorden in het Slowaaks
- Zelfstandignaamwoordsvorm in het Slowaaks
- Woorden in het Tsjechisch
- Woorden in het Tsjechisch met IPA-weergave
- Zelfstandig naamwoord in het Tsjechisch
- Financieel in het Tsjechisch
- Verouderd in het Tsjechisch
- Mannelijk zelfstandig naamwoord in het Tsjechisch
- Onbezield mannelijk zelfstandig naamwoord in het Tsjechisch
- Zelfstandignaamwoordsvorm in het Tsjechisch