luwte

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • luw·te
Woordherkomst en -opbouw
  • Afgeleid van luw met het achtervoegsel -te.
enkelvoud meervoud
naamwoord luwte luwtes
luwten
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

luwte v

  1. een windloze plek
    • Hij zit in de luwte. 
Verwante begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

98 % van de Nederlanders
94 % van de Vlamingen.