ludiek

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • lu·diek
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen ludiek ludieker ludiekst
verbogen ludieke ludiekere ludiekste
partitief ludieks ludiekers -
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘speels’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1938 [1]

Bijvoeglijk naamwoord

ludiek

  1. bijzonder en leuk, apart op een leuke manier
     Het was een ludieke manier om de lange kilometers van de dag te verzachten.[2]
Typische woordcombinaties
  • een ludieke actie
een actie die leuk is, maar nog niet eerder gezien
  • een ludiek protest
het op een leuke, grappige manier kenbaar maken dat men het ergens niet mee eens is
Vertalingen

Gangbaarheid

95 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen