luchtje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • lucht·je

Zelfstandig naamwoord

luchtje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord lucht

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.