loteling
Uiterlijk
- lo·te·ling
- Naamwoord van handeling van loten met het achtervoegsel -eling
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | loteling | lotelingen |
| verkleinwoord |
- (militair) diensplichtigen werden door loting aangeduid, of vrijgesteld
- De loteling is een bekende roman van Hendrik Conscience.
- Het woord loteling staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "loteling" herkend door:
| 41 % | van de Nederlanders; |
| 76 % | van de Vlamingen.[2] |
- ↑ Woordenboek der Nederlandsche taal (1864-2001).
- ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be