locomotief

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • lo·co·mo·tief
Woordherkomst en -opbouw
  • Van Latijn motivus (bewegend) met het voorvoegsel loco- [1]
enkelvoud meervoud
naamwoord locomotief locomotieven
verkleinwoord locomotiefje locomotiefjes

Zelfstandig naamwoord

locomotief v/m

  1. (spoorwegen), (verkeer) een zwaar railvoertuig dat bedoeld is om treinen te trekken
    • De locomotief moet nog aangekoppeld worden. 
Synoniemen
Hyponiemen
Afgeleide begrippen
Vertalingen

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
99 % van de Vlamingen.

Meer informatie

Verwijzingen

  1. etymologiebank.nl