liposuctie

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

liposuctie
Uitspraak
Woordafbreking
  • li·po·suc·tie
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Engels, in de betekenis van ‘wegzuigen van overtollig lichaamsvet’ voor het eerst aangetroffen in 1992 [1]
  • van het Latijnse sugere en het Griekse lipos [2]
enkelvoud meervoud
naamwoord liposuctie liposucties
verkleinwoord

Zelfstandig naamwoord

liposuctie v

  1. (medisch) een plastisch-chirurgische techniek waarbij onderhuids vetweefsel wordt verwijderd door dit weg te zuigen
    • 'Barbie' heeft nog niet op de retirade van 'Ken' gereageerd. Maar zijn volgers vragen zich af of Rodrigo wel zo eerlijk is. Op zijn Instagram-account staat namelijk een groot aantal foto's die mogelijk ook gemanipuleerd zijn. Maar de Braziliaan - een groot fan van botox, liposuctie, siliconen, transplantaties en fillers - zegt dat de kiekjes honderd procent echt zijn. [3] 
    • In de VS is borstvergroting nog altijd de vaakst uitgevoerde plastisch-chirurgische ingreep: 290.467 Amerikaanse vrouwen ondergingen deze operatie in 2016. Daarna volgen liposuctie, neus- en ooglidcorrectie en de facelift.[4]  
Synoniemen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[5]

Meer informatie

Verwijzingen