limit

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • li·mit
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord limit limits
verkleinwoord - -

Zelfstandig naamwoord

limit m

  1. uiterste grens
    • De ware hackers zijn beschermd door vele grote instanties, justitie en het systeem. Ze zijn zeer waardevol want voor hen is er geen limit en dat is wat onze man hierboven denkt ons te laten geloven. [2]
Synoniemen
Uitdrukkingen en gezegden
  • de limit zijn
    een punt bereiken waarop het onaanvaardbaar wordt
  • de sky is de limit
    de mogelijkheden zijn onbegrensd

Gangbaarheid

78 % van de Nederlanders;
58 % van de Vlamingen.

Verwijzingen


Engels

Uitspraak
enkelvoud meervoud
limit limits

Zelfstandig naamwoord

limit

  1. grens, limiet
vervoeging
onbepaalde wijs to limit
he/she/it limits
verleden tijd limited
voltooid
deelwoord
limited
onvoltooid
deelwoord
limiting
gebiedende wijs limit

Werkwoord

limit

  1. begrenzen, beperken, limiteren
Overerving en ontlening


Pools

Zelfstandig naamwoord

limit m

  1. limiet
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Verwante begrippen


Tsjechisch

Uitspraak
Woordafbreking
  • li·mit

Zelfstandig naamwoord

limit monbezield

  1. limiet; de uiterste grens van een bepaalde grootheid
    «Nevyčerpal časový limit šedesáti vteřin.»
    Hij had de tijdslimiet van zestig seconden niet opgebruikt.
Verbuiging
Synoniemen
Afgeleide begrippen
Typische woordcombinaties
  • povolený limit monbezield – toegestane limiet
  • stanovený limit monbezield – vastgestelde limiet
Verwante begrippen

Meer informatie

Verwijzingen

Zelfstandig naamwoord

limit

  1. genitief meervoud van limita